Kommil Foo in Diligentia, 31 mei 2013

Eigenlijk had ik me voorgenomen om van elk door mij genoten concert, voorstelling, boek, film enzovoorts een kort verslag zou schrijven voor op deze site. Van dat plan is helaas nog niet zo veel terecht gekomen, maar laat ik toch eens een poging doen om de schade in te halen. Eerst een zeer beknopt stukje over Kommil Foo. De voorstelling Breken was op 31 mei 2013 in het prachtige theater Diligentia te Den Haag.

breken
Kommil Foo kende ik alleen van naam. Het is een theaterduo, bestaande uit de twee broers Raf en Mich Walschaerts. Ze komen uit Essen, vlak over de Belgische grens in de provincie Antwerpen. Het Vlaams klinkt in onze oren altijd heel bloemrijk en naar ik denk terecht. Ik vond de taal van Kommil Foo helder en mooi om te horen, maar de twee niet-oorspronkelijk-Nederlandse dames in ons gezelschap verstonden er weinig van.

Dat gaf verder niet, want er valt nog altijd te genieten van de prachtige muziek. De broers bespelen verschillende instrumenten en beschikken ook nog eens over fantastische zangstemmen. De humor was daarnaast van zeer hoog niveau. Er was veel interactie met het publiek. Ik ga de inhoud van de voorstelling niet navertellen en evenmin proberen om diepere lagen te duiden, maar volsta er verder mee dat ik dit duo tamelijk geniaal vind. Een dikke tien voor Kommil Foo.

Geplaatst in Theater | Getagged , | Reageren uitgeschakeld

huishoudelijke mededeling: storing

De site is gehackt geweest en het gaat nog niet goed met nieuwe berichten plaatsen. Er verdwijnen stukken tekst.

Geplaatst in Geen categorie | Reageren uitgeschakeld

De filosofie van de heuvel – Ilja Leonard Pfeiffer & Gelya Bogatishcheva

De ondertitel geeft al aan waar het boek over gaat: Op de fiets naar
Rome. Op de voorkant zien we de schrijver steunen op zijn racefiets,
in de berm van een uitgestorven weg. Hij is niet gehuld in een
wielertenue, maar gewoon in een spijkerbroek. Zijn overhemd zit netjes
in zijn broek, maar de mouwen zijn opgestroopt. Hij doet geen moeite
om zijn grote buik in te houden. Met het hoofd gebogen staat hij daar
uit te puffen in de zon, de lobbes, zijn lange haren langs het hoofd
en in een paar verwaaide slierten bovenop. Hij draagt een overvolle
rugzak en sandalen.

Met zijn Russische vriendin Gelya is hij vertrokken om kwart voor vier
vanaf Leiden. ‘Over de Oude Rijn of door de Burchtsteeg? Ik bedacht om
de bordjes Zoeterwoude-Dorp te gaan volgen.’ Zo beginnen ze,
onvoorbereid en op oude fietsen, aan de lange tocht naar het zuiden.

Zachtjes aaide ik de Oude Batavus
over zijn stuur, precies op het plekje waar het stuurlint een beetje
versleten was en waar hij het het lekkerste vond.Â

Ik heb ooit een keer een team van lopers in de Roparun begeleid op de
fiets, van Parijs naar Rotterdam. Daardoor weet ik dat zodra je buiten
Nederland komt, er geen vlakke wegen meer bestaan. Dat zacht glooiende
land, waar wij een glimp van opvangen vanaf de Franse snelweg, bestaat
voor een fietser uit eindeloze, meedogenloze hellingen. Laat staan als
je echt in de bergen belandt.

Mijn eerste berg had ik overleefd uit onwetendheid. Mijn
tweede berg was onneembaar door de herinnering aan de eerste.
Misschien had ik ook net een klein beetje te veel rosé gedronken.
Misschien speelde dat ook mee. Dat wil ik niet
uitsluiten.

Van elke dag krijg je een verslag, met startpunt, alle tussenplaatsen,
eindpunt, de tijden en het aantal afgelegde kilometers, zowel per dag
als totaal. Het verhaal geeft aan dat je eigenlijk elk doel kunt
bereiken, zolang je maar elke dag een stukje in de juiste richting
gaat. De dichter en zijn vriendin vertrekken meestal laat, vaak pas in
de namiddag. Ze weten niet precies de weg. Toch komen ze na 41 dagen
en 2.601 kilometer in Rome aan.

De filosofie van de heuvel is de filosofie van verlangens,
weerzin en verwachtingen. De heuvel bestaat alleen als je vooruitkijkt
en tegen hem opziet. De heuvel bestaat als je te graag aan de andere
kant wilt zijn of als je het liefste in het dal wilt blijven. Hoe meer
je vooruit kijkt, hoe meer heuvels er opdoemen in je blikveld. Elke
heuvel die je moet beklimmen, heb je zelf opgeworpen.

Het is een prettig geschreven boek, met mooie foto’s. Ik had het
makkelijk in één ruk kunnen uitlezen, maar besloot het genot te
rekken door telkens voor het slapengaan een hoofdstuk te lezen. Het
boek is een road movie en een feel-good movie in
één. Het is een verslag van een reis en van een ontluikende relatie.
Grappig, ontroerend, eerlijk. Een boek waarvan ik het, aangekomen op
de laatste bladzijde, Â jammer vond dat ik het uit had.

unknown

© Jeroen Louis, 16 juni 2013

Geplaatst in Boeken, Non-fictie | Reageren uitgeschakeld

Hier & nu – Sjaak Bral

Afgelopen zaterdag heb ik voor het eerst een voorstelling van Sjaak Bral bezocht. De komiek met het plat-Haagse accent heeft natuurlijk wel enige bekendheid, maar op de een of andere manier is hij toch niet een mainstream cabaratier, niet zo iemand die vaak op televisie komt. Ik ging er dus blanco in, zonder bepaalde verwachtingen.

bralOm met de deur in huis te vallen, het was leuk! Haagse humor ligt op een of andere manier dicht bij Rotterdamse humor. Het heeft een bepaalde losheid, iets van doe-maar-gewoon-dan-doe-je-al-gek-genoeg, wars van kapsones, snel, rauw en recht voor z’n raap. Sjaak Bral is niet zo zeer een cabaretier uit de school van Freek de Jonge, met een concept en een boodschap, maar meer een stand-up comedian, die alleen al door zijn nuchtere commentaar op actuele zaken grappig is.

Collega’s als Hans Teeuwen en Theo Maassen zitten meer in de hoek van ‘nu gaan we het podium op en even lekker het publiek choqueren’, vaak ook met bizarre humor, terwijl Sjaak Bral eerder iemand is die gewoon als zichzelf spreekt, zonder veel pretenties of gedoe eromheen. Het is theater, dus Bral heeft een idee uitgewerkt, met af en toe een lied, een decor en een rode draad. Maar hij voelt zich zeker niet te goed om ook gewoon een paar moppen te tappen. En dat doet hij goed. Hij kreeg er de zaal mee plat.

Lekker een avondje lachen. Ik heb me prima vermaakt. Sjaak Bral heeft er een fan bij. Volgende keer weer!

Geplaatst in Theater | Getagged , | Reageren uitgeschakeld

Gezien in Pathé: Rockshow (Wings)

Op 16 mei was er wereldwijd een speciale vertoning van Rockshow, een registratie van een concert van de Paul McCartney’s groep Wings in Seattle, in 1976. In de Pathé op het Schouwburgplein in Rotterdam werden we ontvangen door een vrolijke medewerkster met een glas prosecco. Verder waren er borrelnootjes, kaasblokjes en stukjes worst.

Een bezoeker wees het meisje er lachend op dat de worst misschien niet zo gepast was, aangezien Paul McCartney vegetariër is en dat actief uitdraagt. Het meisje lachte vrolijk mee, al kan ik me voorstellen dat ze niet eens wist wie Paul McCartney is. Ondanks de worst vond ik het een leuke verrassing van Pathé. Gisteren was ik in het Isala Theater in Capelle en daar kon je een ‘prosecco-arrangement’ kopen voor 7,50 euro (twee glaasjes). Ik bedoel maar, Pathé maakte hier in mijn ogen een sympathiek gebaar naar de muziekfans. Het gaf een feestelijk tintje aan de voorstelling, nog voordat deze was begonnen.

Veel fans waren er overigens niet, dat viel een beetje tegen. Ik wilde eens naar zo’n speciale voorstelling van een film over de MotoGP, en die was al heel snel uitverkocht. Maar daarvan was in Rotterdam bij Rockshow absoluut geen sprake. De zaal was hooguit voor een kwart gevuld.

McCartney had speciaal voor deze première een voorwoord opgenomen. Daarin roemde hij vooral Linda, die in korte tijd had leren pianospelen en zingen. Hij herinnerde zich nog hoe veel kritiek hij kreeg omdat hij zijn ‘old lady’ in de band nam. Verder vond hij het leuk om de blazers terug te zien. Paul eindigde met een grapje, zich recht in de camera kijkend richtend tot de bioscoopbezoekers: ‘and turn your bloody phone cells off!’ Aan het gelach was te horen dat de zaal was gevuld met louter fans.

Het concert begon met Venus and Mars / Rockshow en Jet. De opnamen komen voornamelijk van een concert in een gigantische hal in Seattle, in het jaar 1976. Pas in 1979 werd er een film van gemonteerd. Naar het schijnt werd de release van de film uitgesteld door de moord op John Lennon in 1980. In 1981 kwam hij dan alsnog uit op Betamax (toen heel modern). Nu zijn beeld en geluid compleet opgepoetst met moderne technieken en komt er op 10 juni aanstaande een nieuwe DVD/Blu-ray uit van Rockshow.

Het is alsof je in een tijdmachine stapt naar 1976. Paul McCartney was in de kracht van zijn leven. De energie en de lust om te spelen spat er vanaf. Grappig om te zien dat Wings toch ook een beetje een reflectie was van The Beatles. Tenminste, zo zie ik dat. Denny Laine had de rol van John Lennon en de jonge Jimmy McCulloch was een beetje George Harrison. Met de Amerikaanse drummer Joe English was dit met recht een rockshow, met veel gitaarwerk.

Over Linda werd vaak wat lacherig gedaan, maar op deze film kun je zien dat ze loepzuiver zong en ook de toetsen bespeelde ze prima. Haar stem gaf een accent aan het geluid van Wings dat nog altijd zeer herkenbaar is.  Zowel Denny Laine, Jimmy McCulloch en Joe English mogen een of meer nummers zingen. Er zitten een paar nummers in met Paul achter de vleugel. Daarbij nemen Denny als Jimmy om beurten de bas waar. Denny speelt echt bas als een gitarist die noodgedwongen moet invallen op de bas. Niet zo best dus. Jimmy doet het beter op bas. Maar nog veel beter op gitaar.

Jammer dat McCulloch aan de heroine was en even later uit de band werd gezet. In 1979 stierf hij aan een overdosis. Maar in dit concert is daarvan nog niets te merken. De sfeer tussen de bandleden lijkt uitstekend. De regie van de film is typisch jaren ’70, met veel vage beelden van lampen en zo. Jammer dat de regisseur weinig oog had voor de blazers. Maar dit alles geeft ook het soort patina waardoor alles uit de jaren ’70 met de ogen van nu zo weemoedig mooi wordt. De sixties waren misschien baanbrekender, maar wat muziek betreft is alles uit de jaren ’70 onovertroffen, vind ik. Muziek uit die tijd klinkt bijna altijd lekkerder dan wat ervoor en erna kwam.

Het geluid van de film klinkt heerlijk. Altijd fijn als de leider van de groep een bassist is, dan ligt de bas lekker dik in de mix. Ik moet wel bekennen dat de film, met z’n 2 uur en 21 minuten een lange zit is. Er zitten ook nummers bij die wat minder pakkend zijn, en gezeten in je bioscoopstoel mis je uiteraard wel de beleving van echt, live, bij een concert zijn. Maar in z’n geheel was het een mooie muziekavond. Heel aanstekelijk om het vakmanschap en vooral het enthousiasme te zien van Paul McCartney, zoals hij zingt en zijn Rickenbacker bas speelt, bijvoorbeeld bij (Silly) Love Songs, dat toen net op nummer 1 was gekomen in de Amerikaanse hitlijsten.

© Jeroen Louis, 26 mei 2013

Geplaatst in Film, Muziek | Getagged , | Reageren uitgeschakeld

De hel – Boudewijn Büch

‘Dat ben ik!’ zei de schrijver opgewekt nadat hij het boek voor me had gesigneerd. Hij gaf nog de tip het even open te laten, zodat de inkt kon drogen en keek me doordringend aan, waar ik verlegen van werd. Het was 1987. Boudewijn Büch was op dat moment een zeer bekende Nederlander, die regelmatig was te zien op de twee televisienetten die beschikbaar waren. Büch verscheen in menige quiz, was te gast in praatprogramma’s, deed spelletjes en had zijn eigen reisprogramma. Daarnaast was hij natuurlijk ook nog schrijver. Had hij nu geleefd, dan zou hij zeker een vaste gast zijn in De wereld draait door .

De reisprogramma’s waren erg fijn, herinner ik me. Boudewijn Büch was net zo belezen en interessant als Redmond O’Hanlon. Hij was verder altijd in voor een rel en had uiteenlopende voorliefdes, bijvoorbeeld voor Goethe én Mick Jagger. Maar gek genoeg heb ik (buiten dat boek dat ik destijds liet signeren) nog niet erg veel van hem gelezen. Toen ik op een boekenmarkt tweedehands het boekje De hel tegenkwam, aarzelde ik geen moment.

Helaas moet ik bekennen dat het vanaf de eerste bladzijden al tegenviel. Wat een onbeholpen en krakkemikkige schrijfstijl! Een voorbeeld:

Voorts kreeg de jongen zo’n afschuw van armoede en tweekamerwoningen en medelijden met huisvrouwen die hun rekening niet konden betalen en die hij dientengevolge af moest sluiten, dat hij besloot zijn middelbare schoolopleiding opnieuw aan te vatten.

Dat en, en, en is al minder sterk, maar waarom die plechtstatige, ambtelijke woorden, zoals voorts, dientengevolge, aanvatten? Heeft de schrijver te veel Reve gelezen?

Het verhaal gaat over het alter ego van Boudewijn Büch, Winkler Brockhaus, die op het gymnasium te maken krijgt met sadistische, antisemitische leraren. De personages kennen helaas totaal geen diepte, maar in het tweede deel, twintig jaar later, ontmoet Winkler de ellendelingen van weleer opnieuw en dan blijkt dat hun gedrag te verklaren is door het leed, hen aangedaan door de boze buitenwereld, waarvan de jonge Winkler destijds natuurlijk nog geen weet had.

Het heeft allemaal te maken met de oorlog. Elk personage in de novelle draagt zijn kruis: Jodenvervolging, Jappenkamp, Oostfront. Niets is wat het lijkt: de lieve dames bij wie Winkler zo graag op de koffie ging, blijken in de oorlog bij de NSB te hebben gezeten. Waar het plechtstatige taalgebruik een mislukte imitatie is van Gerard Reve, heeft het er de schijn van dat het werk van W.F Hermans het voorbeeld was voor de inhoudelijke kant van het verhaal.

Helaas, in vergelijking met beide meesters is dit werkje van Büch een onbeholpen opstel, zowel stilistisch als qua opbouw. Het hele verhaaltje is plat en oppervlakkig.

Het lijkt me zeer wel mogelijk dat broodschrijver Büch, die altijd in geldnood zat, wat extra nodig had voor zijn beroemde verzameling oude drukken en dat hij daarom snel een boekje in elkaar flanste, gericht op scholieren. De tekst op de achterflap zal hij zelf wel hebben geschreven:

De hel is een novelle die de lezer nieuwsgierig maakt naar het gehele oeuvre van Boudewijn Büch; het is een boek dat er om schreeuwt op alle leeslijsten van alle middelbare scholieren terecht te komen.

Het boekje is lekker dun en een uittreksel is via internet snel te vinden: Ideaal dus voor scholieren. Voor mij helaas een teleurstelling. Met tegenzin heb ik me er doorheen geworsteld. Büch was bepaald geen Bordewijk. Het boekje Weerzien, dat waarin hij voor mij zijn handtekening zette, is beter. Om toch nog positief te eindigen, vermeld ik nog wel de leukste zin, over een leraar die de liedjes van Elvis ‘gezongen vuiligheid’ noemde.

© Jeroen Louis, 15 april 2013

Geplaatst in Boeken, Fictie, Gesigneerde boeken | Getagged | Reageren uitgeschakeld

The Alan Parsons Project

The Alan Parsons Project is voor mij jeugdsentiment. De liedjes uit de tijd dat ik dertien, veertien was, kan ik me nog goed herinneren. Het was de tijd dat ik op vrijdagavond de wekker zette om ’s nachts tussen 2 en 3 op m’n draagbare cassetterecorder In The Mix van Ben Liebrand op te nemen.

Ik begon toen ook naar muziekprogramma’s te kijken, waar videoclips werden vertoond, zoals Countdown op Veronica met Adam Curry. Zo herinner ik me nog heel goed de clip van Don’t Answer Me. Het nummer werd begeleid door beelden uit klassieke Amerikaanse stripverhalen, een beetje in de stijl waar Andy Warhol ook mee speelde, met als inkleuring van die puntjes.

Toen en later verbond ik de clip en muziek met de naam, The Alan Parsons Project. Maar ik had er nooit een gezicht bij, wist ook niet of het een band was of een zanger of wat dan ook. Nooit heb ik een plaat van The Alan Parsons Project bezeten of zelfs maar in handen gehad.

De nostalgie was voor mij de aanleiding om kaartjes te kopen voor het concert in het Nieuwe Luxor op 26 maart 2013. Pas vlak voor het concert ging ik Alan Parsons eens googelen en zo leerde ik de bekende feiten, zoals die in elke bio van de Britse zanger staan. Hij begon als hulpje in de Abbey Road Studios in Londen, waar hij de banden mocht verwisselen bij de opnames van de laatste twee LP’s van The Beatles. Daarna werd Alan Parsons een veelgevraagde producer, die onder meer een Grammy won voor de productie van The Dark Side of the Moon van Pink Floyd. Met zijn groep had Alan Parsons vooral aan het begin van de jaren ’80 veel succes.

 In 2013 zag ik via internet voor het eerst een foto van de man. De liedjes Eye In The Sky en nog een paar ballads herkende ik ook wel.

Redelijk blanco zaten we dus vooraf in de zaal te wachten. De combinatie van een oude groep en het theater zorgde weer voor erg veel grijze koppies. Naast me zat een relatief jonge vrouw, die mij vroeg of ik al eerder naar een concert van Alan Parsons was geweest. Nee dus. Nou, zij wel en het was ‘redelijk verslavend’, zei ze. ‘Maar je bent neem ik aan wel bekend met het werk?’ vroeg ze. Het klonk niet als belangstelling, maar eerder dreigend, alsof ze me stante pede de zaal zou uitsturen als het niet zo was. Lafjes loog ik dus dat ik natuurlijk heel goed bekend was met het oeuvre van deze groep. Gelukkig werd ik niet overhoord. Kennelijk was mijn buurvrouw tevreden, want ze draaide zich om en ging met iemand anders praten.

Het concert begon en al snel bleek dat we hier rechtstreeks terug gingen naar the eighties. Alan Parsons is meer producer dan artiest. Hij heeft een paar bijzonder bekwame musici ingehuurd die exact de platen van toen kunnen naspelen. Heel anders dan een band. Een paar weken eerder zaten we hier voor een concert van The Golden Earring. Die spelen uiteraard ook veel hits van vroeger, maar dat is echt een band. Ik bedoel dat de Earring de nummers van vroeger speelt in een interpretatie van nu. Ze doen geen moeite om exact, noot voor noot, de sound en alles van de originele opname te reproduceren.

Alan Parsons doet dat dus wel. In de klassieke muziek, waar men speelt van een partituur, is dat veel gebruikelijker dan in pop en rock. De geestelijke vader van de muziek staat in het midden op een podium en speelt toetsen, afgewisseld met een onhoorbare gitaar. Een hele kant van een LP, een conceptalbum werd aan één stuk door vertolkt. Als een dirigent stond Parsons daar in het midden. Ook deed hij (en niet de leadzanger) de aankondigingen. Een paar nummers, waaronder Don’t Answer Me,  zingt Parsons zelf de lead vocals. Hij heeft een fijne, klassieke Britse stem à la Jeff Lynne of George Harrison.   

Verder was er een zanger die danste als de frontman van de Bronksi Beat (om het gevoel van de jaren ’80 nog maar even te benadrukken) en zongen afwisselend ook de gitarist en saxofonist. Dat deden ze allemaal perfect, net als het bespelen van hun instrumenten. Het was werkelijk indrukwekkend met welk een graad van perfectie de nummers ten gehore worden gebracht. Toch miste ik het ‘rock’gevoel. Het is eerder alsof ik zat te kijken naar een show van zo’n perfecte tributeband, zoals The Musical Box, waar ik jaren geleden bij vergissing bij belandde. Dat zijn mannen die oude platen van Genesis in hun geheel naspelen en zich daarbij verkleden in niet van echt te onderscheiden kostuums.

Over Genesis gesproken, de sound van The Alan Parsons Project doet af en toe denken aan de progressieve rock van Genesis, Pink Floyd en zo verder. Echte jaren ’80 progrock, afgewisseld met mierzoete en clichématige ballads.

Ik had een leuke avond, maar zal geen tweede keer gaan. Daarvoor was het mij te gelikt, te klinisch en zeker te veel jaren ’80, een periode die ik persoonlijk niet bepaald beschouw als een hoogtepunt in de recente popgeschiedenis, zeker niet qua sound en productie. Dat er velen heel anders over denken, bleek wel in het Nieuwe Luxor, waar het publiek laaiend enthousiast was.

© Jeroen Louis, 11 april 2013

Geplaatst in Muziek | Reageren uitgeschakeld

Motoravontuur in Zwitserland (deel 2)

Wat vooraf ging. Het is een prachtige, bochtige Alpenweg. Omdat we in deze afdaling zeker weten dat er geen tegenliggers zijn, kunnen we de hele weg benutten. De Britse motorjournalisten rijden achter ons en we zijn vastbesloten ons aan hen te meten. We gaan zo hard als we kunnen.
Lees verder

Geplaatst in Motorrijden | 1 reactie

Motoravontuur in Zwitserland (deel 1)

Een zonnige zomer, een snelle motor en de Zwitserse Alpen. Elk afzonderlijk zijn dat al mooie dingen, maar alle drie gecombineerd leiden ze tot een van de allermooiste bezigheden die ik me kan indenken: een snelle rit over een bergpas. Constant bezig zijn met gasgeven, schakelen, remmen, sturen, gasgeven, schakelen, remmen, sturen. Geen tijd voor andere gedachten.
Lees verder

Geplaatst in Motorrijden | 2 Reacties

In memoriam: Steven van Veen (1972-2012)

Zaterdag kwam ik erachter dat mijn vroegere motormaatje Steven is overleden als gevolg van een lawine. Het begint langzaam tot me door te dringen. Het hele weekend heb ik eraan gedacht en ’s nachts droomde ik ervan. Aan de vooravond van het laatste afscheid volgen hier een paar herinneren van mij aan Steven.
Lees verder

Geplaatst in Motorrijden | 6 Reacties